Mind Magazine
September 2007
PERSONAL COACH KRITIEK OP JE WERK
Personal coach Jeannette Bolck geeft inzichten voor een nog beter contact met collega's, vrienden en familie.
Wat doe ik nou weer fout?
Hoe je kritiek van je baas of collega's kunt gebruiken om te groeien
Tekst: Marte Kaan.
Illustratie: Tina Berning / Art Box - Centre For Creation
Liever zou je het altijd goed doen, maar het hoort er nu eenmaal bij: kritiek krijgen op je werk.Wanneer je op een goede manier met dit `noodzakelijke kwaad' omgaat, kun je er nog je voordeel mee doen ook.
Jeannette Bolck: `Krijg je commentaar van je baas, probeer dan open te staan voor wat hij of zij te zeggen heeft. Voel je niet meteen aangevallen. Vraag je baas wat hij we van je verwacht, zodat voor jullie beiden duidelijk is waar de kritiek over gaat en hoe je je kunt verbeteren. Het is ook slim om er zelf op terug te komen en te evalueren hoe het nu gaat. Je zou er zelfs voor kunnen kiezen om een soort mini-evaluatiegesprekken te houden. Daarmee laat je zien dat je bereid bent te groeien en dat je openstaat voor suggesties. Dat pleit voor je. Bovendien vergroot je als het goed is zo ook je werkplezier. Je weet of je op de goede weg zit en je voorkomt dat je tijdens het jaarlijkse functioneringsgesprek voor verrassingen komt te staan. Dat gesprek tussendoor kun je het beste ook goed voorbereiden. Zet op papier wat je wilt bespreken en kom terug op waar je de vorige keer kritiek op kreeg.
Je baas is er niet op uit om jou af te breken, hij wil alleen je werk verbeteren .
Een probleem is dat de meeste werkgevers en leidinggevenden niet goed zijn in het geven van kritiek of te weinig tijd nemen voor dit soort zaken. Ze kiezen het verkeerde moment of breken iemand alleen maar af door te zeggen wat er allemaal niet goed gaat, zonder aanknopingspunten voor verandering te geven. Of ze geven vage kritiek als 'je moet beter op de hoogte zijn'. Ja, dat kan natuurlijk van alles betekenen. De vraag is waar je precies beter van op de hoogte moet zijn en waaruit is gebleken dat je dat niet bent. Je moet dan zo assertief zijn om te vragen wat je baas precies bedoelt. En dat vindt niet iedereen makkelijk. Een ander probleem met die vage manier van formuleren is dat je zo ook niet kunt beoordelen of je je hebt ontwikkeld. Daarom is het verstandig om het heel concreet over specifieke taken te hebben, en te bespreken wat er moet veranderen.'
Op welke manier kun je het beste reageren wanneer iemand - tijdens een officieel gesprek of tussen de bedrijven door - zegt dat je iets niet goed doet?
`Hoe moeilijk het ook is: incasseren. Niet in de verdediging schieten, geen `ja maar'. Daarmee ondermijn je de ander en toon je geen respect voor wat hij of zij te zeggen heeft. Laat weten dat je het gehoord hebt. Zet op een rijtje waar je het wel en niet mee eens bent en kies een geschikt moment om te antwoorden. Bedenk goed of het kritiek is waar je iets mee kunt. Zo kreeg Loretta te horen dat haar collega's haar zo gesloten vonden. Het irriteerde hen.
Ze heeft toen een tijd geforceerd geprobeerd om gezellig mee te kletsen, maar dat werkte niet. Uiteindelijk is ze bij dat bedrijf weggegaan, omdat ze voor zichzelf besloten had dat ze dit niet wilde veranderen aan zichzelf. Het was zoiets persoonlijks. Kritiek kan dus ook betekenen dat je niet op de goede plek zit. Wanneer je merkt dat een bepaalde opmerking je erg raakt dan kun je dat ook zeggen, bijvoorbeeld in de trant van: `Daar moet ik toch even over nadenken.' Dat lijkt eng om te doen, maar het lucht vaak op als je je kwetsbaar durft op te stellen. Het komt de sfeer tussen jou en de kritiekgever ook ten goede: iemand zal veel sneller geneigd zijn om samen naar een oplossing te zoeken. Wanneer je je verzet en je hard opstelt, stagneert de samenwerking en zal je leidinggevende de volgende keer waarschijnlijk alleen maar harder zijn in zijn commentaar.'
Wat kun je doen wanneer je merkt dat je met het zweet in je handen een functioneringsgesprek in gaat?
'Allereerst onderkennen dat omgaan met kritiek niet je sterkste punt is. Dat is voor veel mensen al een hele stap. Verder is het goed om je te realiseren dat je baas er niet op uit is om je af te breken en dat hij of zij waarschijnlijk heel veel meer van dit soort gesprekken moet voeren. Je baas heeft als doel jouw werk te verbeteren — voor jou en voor het bedrijf. Niet elke leidinggevende neemt dan uitgebreid de tijd om ook al je pluspunten te noemen. Bedenk verder dat kritiek een kans is om te groeien als je bereid bent die serieus te nemen. Dat betekent niet dat je alles maar klakkeloos moet aannemen, maar wel dat je ernaar moet durven luisteren en kijken of er een kern van waarheid in schuilt.
Als je het heel moeilijk vindt om met kritiek om te gaan, kan het nuttig zijn om dat bespreekbaar te maken. Met je baas, of misschien eerst met iemand anders. Als er een gevoelige snaar wordt geraakt, is het vaak zo dat je zelf ook wel weet dat je iets niet helemaal goed doet. Katja, bijvoorbeeld, kreeg steeds te horen dat ze te weinig haar gezicht liet zien op de afdeling en dat vond ze vervelend. Ze had het er te druk voor, zei ze, daarom zat ze zoveel achter haar bureau. Maar toen ik het er met haar over had, gaf ze toe dat ze het ook wel lastig vond om naar collega's toe te lopen en ze aan te spreken. Ze gebruikte de drukte als excuus. Door dat toe te geven, kon ze aandacht aan die onzekerheid besteden in plaats van zich te verzetten tegen de kritiek.'
Tessa werkt als accountmanager. Ze heeft een collega tegen wie ze erg opkijkt; ze is heel bang dat ze iets niet goed doet in zijn ogen. Hierdoor is ze overkritisch naar zichzelf toe en doet ze er alles aan om commentaar te voorkomen. Haar gevoeligheid leidt ertoe dat deze collega heel voorzichtig met haar omgaat. Hij durft niet alles tegen haar te zeggen. Daardoor ontneemt Tessa zichzelf de kans te groeien. En als iemand anders kritiek op haar had, vraagt haar therapeut haar, zou het dan nog steeds zo hard aankomen? Nee, denkt ze. Tessa moet leren haar kwaliteiten te onderkennen en zich realiseren dat ze die onmiddellijk vergeet wanneer haar collega iets zegt. Als ze dat onder ogen durft te zien, moet ze zichzelf de vraag stellen of ze hem wel zo veel macht wil geven.
Nathalie verzet zich meteen en wordt vinnig wanneer ze commentaar krijgt op haar werk. Daarmee duwt ze collega's van zich af. Bovendien is ze er zelf altijd lang door van slag. Om maar niet het gekwetste meisje te laten zien, stelt ze zich op als de harde tante en dat kost haar veel energie. Haar therapeut stelt haar voor het eens om te draaien: hoe is het wanneer iemand zo boos op haar kritiek reageert als zij?